Gepost door: Johan van Veen | 2 september 2017

Dagboek Festival Oude Muziek Utrecht 2017 – zaterdag 2 september

Aangezien ik ’s zondags geen concerten bijwoon was dit voor mij de laatste dag. Alle concerten die ik bezocht, waren aan Georg Philipp Telemann gewijd. Dat heeft niets met het thema van het festival te maken, ook al staat Telemann – net als Bach – in de traditie van Luther. Daarnaast zijn in zijn werk ook invloeden van de Verlichting aan te wijzen. Maar de reden zijn muziek te programmeren is het feit dat het Telemannjaar is: hij overleed in 1767, 250 jaar geleden. Het werd wel eens tijd dat hij aandacht kreeg, want in de geschiedenis van het festival heeft hij nauwelijks een rol gespeeld. Kennelijk zijn de vooroordelen tegen zijn muziek hardnekkig. Voor mij was een hele dag Telemann bepaald geen straf. Ik ben een groot liefhebber van zijn muziek en in de loop van een jaar of dertig heb ik zoveel CDs met zijn muziek gehoord en gerecenseerd dat ik steeds meer onder de indruk ben geraakt van zijn originaliteit en creativiteit.

Ik begon de dag in Hertz, waar de Belgische gambist Philippe Pierlot zeven van Telemanns in totaal twaalf fantasieën speelde. Die golden lange tijd als verloren, totdat in 2015 een handschrift met deze stukken werd ontdekt. Dat is een buitengewoon belangrijke uitbreiding van niet alleen het oeuvre van Telemann, maar ook van het repertoire voor gamba solo. Ze doen vermoeden dat Telemann het instrument en zijn speeltechniek goed kende en misschien een betere gambist was dan hij zelf suggereerde, zoals de ontdekker van deze stukken, Thomas Fritzsch, in het boekje bij zijn CD-opname schrijft. Telemann verbindt hier de ten tijde van de compositie (begin jaren 1730) steeds populairder galante stijl met het traditionele contrapunt, zoals blijkt uit fuga’s en dubbelgrepen. Pierlot gaf prachtige en doorleefde uitvoeringen, die de kwaliteit van deze composities volledig recht deed. Als afwisseling klonk een suite van een echte gambavirtuoos, Johann Schenck, van Duitse afkomst, maar een deel van zijn leven werkzaam in Amsterdam. In de gespeelde Sonate nr 5 maakt Schenck eveneens gebruik van dubbelgrepen. Dit stuk stamt uit een verzameling waarin de invloed van de Italiaanse stijl duidelijk aanwezig is.

In dezelfde tijd als de gambafantasieën ontstonden vergelijkbare werken voor respectievelijk viool, traverso en klavecimbel. Die voor traverso zijn verreweg het bekendst en worden ook vaak op blokfluit gespeeld. Vergeleken daarmee zijn de fantasieën voor viool relatief onbekend. Kort geleden verschenen enkele opnamen van die stukken, maar om verschillende redenen konden die me niet helemaal bevredigen. Ik weet niet of we van Manfredo Kraemer een CD-opname mogen verwachten, maar als die komt, zou dat wel eens direct de beste kunnen zijn. Technisch was zijn spel in de door hem uitgekozen stukken niet altijd helemaal gaaf, maar op zijn interpretatie viel niets af te dingen. Stilistisch zijn deze fantasieën wat ouderwetser dan die voor de gamba en vooral geënt op Corelli. Contrapunt is hier in overvloed aanwezig; Telemann maakt regelmatig gebruik van dubbelgrepen en ook fuga’s zijn in deze fantasieën te vinden. Wanneer men bedenkt dat ze voor amateurs bedoeld waren, kan men niet anders dan bewondering hebben voor de kennelijke technische vaardigheden van de amateurs van toen. Kraemer zorgde voor sterk retorische, sprekende interpretaties, met veel aandacht voor articulatie en dynamische schakeringen. Ook de dansritmes kwamen goed uit de verf. Ook dit concert vond in Hertz plaats, dat voor dit soort muziek bij uitstek geschikt is.

Tussen deze twee concerten in had ik in de Geertekerk een optreden van Il Caravaggio bijgewoond, een Frans ensemble met mezzosopraan, traverso, viool, viola da gamba en klavecimbel. Op het programma stonden twee van de zogenaamde Parijse kwartetten en twee cantates. Helaas was dit concert teleurstellend. De kwartetten werden redelijk goed gespeeld: ik apprecieerde het spel van fluitist Jean Brégnac en gambist Ronald Martin Alonso, maar de toon van violist Anthony Marini kon me minder bekoren. Die was nogal scherp en kaal, met weinig variatie in kleur. Maar het waren vooral de prestaties van mezzosopraan Anna Reinhold die me tegenvielen. Ze zong een cantate uit de verzameling Harmonischer Gottesdienst en een zetting van Psalm 6. Ze heeft geen bijzonder mooie stem – maar dat is uiteraard een kwestie van smaak – en haar dictie en Duitse uitspraak lieten te wensen over. Het ergste was een stevig vibrato dat me flink op de zenuwen ging werken. Maar in de interpretatie miste ze ook de pointe van Telemanns cantate naar Psalm 6, Ach Herr, strafe mich nicht in deinem Zorn. Aan het slot, op de tekst “und zuschanden werden plötzlich”, verlangt Telemann een snel tempo en een abrupt einde. Maar het tempo was te traag en op het slotwoord vertraagden de musici nog eens, waarmee het van zijn door Telemann beoogde effect werd ontdaan.

Er is nog een andere cantate op dezelfde tekst in een wat andere bezetting, waarin Telemann hetzelfde effect toepast. Die cantate was in het concert van het Ricercar Consort te horen. Hier is de solopartij voor sopraan en deze werd prachtig gezongen door Maria Keohane. Ook de obligate instrumentale partijen voor hobo en viool werden erg mooi ingevuld. Het concert was begonnen met een begrafeniscantate, getiteld Trauer Actus. Dan denkt iedere muziekliefhebber direct aan Bachs fameuze Actus tragicus, en inderdaad zijn de overeenkomsten treffend, niet alleen wat betreft de thematiek, maar ook in de bezetting met drie blokfluiten en viola da gamba. Het uitgangspunt is het koraal Ach wie nichtig ach wie flüchtig; de bewerking daarvan opent en sluit het werk. Ook het laatste werk was een begrafeniscantate: Du aber, Daniel, gehe hin. Onder de instrumenten vinden we een blokfluit en twee viole da gamba. Sopraan en bas spelen hier de hoofdrol: deze partijen werden indringend vertolkt door respectievelijk Maria Keohane en Peter Kooij. Het A-deel van de basaria bevat dramatische elementen, die in Kooijs interpretatie uitstekend uit de verf kwamen. De twee resterende stemmen, die alleen in de tutti te horen waren, werden mooi gezongen door Pascal Bertin en Jeffrey Thompson.

Helaas eindigde voor mij het festival in mineur. In de Geertekerk zouden de sopraan Inga Kalna en het ensemble Il Pomo d’Oro onder leiding van Francesco Corti een Telemannprogramma uitvoeren waarin de theatrale kant van de componist aan bod zou komen. In het eerste deel werden delen uit twee verschillende orkestsuites afgewisseld met aria’s uit de opera Orpheus, één van de relatief weinige opera’s van Telemann, die volledig bewaard gebleven zijn. Na de pauze zou het hoofdwerk de cantate Ino zijn. Maar dat laatste werk heb ik niet gehoord, want toen was ik al vertrokken. Dat is tegen mijn gewoonte; het is me tijdens het festival nooit eerder overkomen dat ik vroegtijdig het pand verliet. Maar wat in het eerste deel gebeurde was meer dan ik en mijn oren konden verdragen. Inga Kalna toeterde zich op volle kracht, zonder enige nuance, door de recitatieven en aria’s heen. Daarbij kwam nog een continu en wijd vibrato, alsof de tijd veertig jaar heeft stil gestaan. Ik zeg dit niet vaak, maar nu moet het: dit is gewoon niet acceptabel. Het festival laat musici en musicologen aan het woord over nieuwe ontwikkelingen op het gebied van de historische uitvoeringspraktijk. Maar dat is weinig geloofwaardig, wanneer het tegelijkertijd uitvoerende musici toestaat wezenlijke aspecten van die uitvoeringspraktijk willens en wetens te negeren. Het wordt echt tijd dat het festival op dat punt kritischer wordt dan het blijkbaar is. Toen ik thuis kwam, tuitten m’n oren nog steeds. Dat gaat wel weer over, maar de wrange nasmaak blijft voorlopig.

Volgende week volgt een nabeschouwing.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Categorieën

%d bloggers liken dit: