Gepost door: Johan van Veen | 30 augustus 2017

Dagboek Festival Oude Muziek Utrecht 2017 – dinsdag 29 augustus

TivoliVredenburg heeft een orgel en dat zullen we weten ook. Het komt regelmatig aan het woord. Vandaag was het artist in residence Lorenzo Ghielmi die opnieuw het orgel bespeelde. Op de openingsavond speelde hij Bach, dit keer had hij een programma samengesteld met muziek van organisten die verbonden waren aan verschillende hoven in de tijd van de Reformatie. Marcantonio Cavazzoni, Hofhaimer, Schlick, Cabezón en Byrd hadden allemaal banden met hoven van koning, keizer of paus. De laatstgenoemde ervoer de gevolgen van de Reformatie: als katholiek werkte hij aan het protestantse hof van Elizabeth; hij werd geduld vanwege zijn kwaliteiten. Hans Buchner verloor zijn baan als organist in Konstanz als gevolg van de Reformatie, zijn leerling Hans Kotter verloor een positie als organist juist vanwege zijn protestantse overtuiging. Correa de Arauxo was opgenomen als vertegenwoordiger van de Contrareformatie: van hem klonk een stuk dat betrekking heeft op de onbevlekte ontvangenis van Maria. Met Ghielmi’s interpretaties was niets mis, maar de beperkingen van het orgel lieten zich hier voelen, vooral door het gemis van de middentoonstemming die dit repertoire veel spannender maakt. Het is ook de vraag of sommige stukken voor een groot orgel bedoeld zijn. Soms is kleiner gewoon beter, ook als het om orgels gaat.

Terwijl in de eerste dagen – in elk geval tijdens de concerten die ik bezocht – de Contrareformatie en voor-reformatorische hervormingsbewegingen centraal stonden, kwam vandaag de Lutherse reformatie aan bod. Dat gebeurde eerst in een concert van de ensembles Per-Sonat en Concerto Palatino, onder leiding van Sabine Lutzenberger. Uitgangspunt waren de 95 stellingen van Luther waarin hij het principe van sola gratia formuleerde: de mens kan alleen door genade tot God komen. Daarom klonken stukken die met schuld en boete te maken hebben. Van Ludwig Senfl was het motet Da Jesus an dem Kreuze hing geprogrammeerd. De in totaal negen coupletten werden in verschillende combinaties van stemmen en instrumenten uitgevoerd. Eveneens van Senfl is De profundis clamavi, één van de zeven boetepsalmen. Dat Senfl de nodige aandacht kreeg is terecht, want hij kende Luther en schreef een motet voor hem. Dat heeft aanleiding gegeven tot het vermoeden dat hij neigde naar de Reformatie, maar daarvoor is geen onomstotelijk bewijs. Wel lijkt zeker dat hij zich stoorde aan de pogingen Luther het zwijgen op te leggen. De reformator bewerkte deze zelfde psalm tot het koraal Aus tieffer not schrey ich zu dir. Om schuld en boete gaat het ook in Psalm 5, Verba mea auribus; een aantal verzen daaruit waren te horen in een zetting van Lassus. Het programma eindigde met het eerste deel van Heinrich Isaacs motet Virgo prudentissima, een voorbeeld van de Mariaverering waartegen Luther zich keerde. Met Bernd-Oliver Fröhlich, Julian Podger en Harry van der Kamp had Sabine Lutzenberger zich omringd met excellente zangers die uitstekende vertolkingen van het gekozen repertoire ten gehore brachten. Dat het concert me uiteindelijk niet helemaal bevredigde had met twee factoren te maken. De eerste is de balans: Lutzenberger is sopraan, maar zingt in het Huelgas Ensemble soms ook als mezzosopraan, wat suggereert dat ze geen heel hoge stem heeft. Daaruit is waarschijnlijk te verklaren dat in een aantal stukken de zink, bespeeld door Bruce Dickey, de bovenstem voor zijn rekening nam. Die was nogal prominent aanwezig en mengde zich te weinig met de stemmen. Dat heeft wellicht – en dat is de tweede factor – ook te maken met de akoestiek. De Geertekerk leent zich beter voor kamermuziek dan voor liturgische muziek die bedoeld is voor grote kerken en kathedralen. Ik had dit concert liever in de Pieterskerk gehoord.

Het concert van het Ensemble Polyharmonique, geleid door Alexander Schneider, dat in de Pieterskerk plaatsvond, had misschien beter in de Geertekerk gepast. Want het begon met een aantal geestelijke madrigalen van Tobias Michael, één van Bachs voorlopers als Thomaskantor in Leipzig. Het feit dat deze stukken het karakter van madrigalen hebben, wijst op hun niet-liturgische functie. Daarin zijn ze vergelijkbaar met het Israelis Brünlein van Johann Hermann Schein. Dit ensemble heeft een aantal van deze stukken op CD gezet; dat was in 2016 voor mij één van de CDs van het jaar. Michael schreef heel beeldende verklankingen van door hem gekozen teksten, waaronder een aantal die we beter kennen van andere componisten, zoals Unser Trübsal, die zeitlich und leichte ist en Ich liege und schlafe. Inmiddels heeft het ensemble ook een CD opgenomen met geestelijke werken van Andreas Hammerschmidt, formeel niet een leerling van Schütz, maar wel sterk door hem beïnvloed. Qua karakter wijken ze niet wezenlijk af van de stukken van Michael, want de titel van de bundel waaruit ze genomen zijn is Chor-Music auff Madrigalmanier. Maar ze zijn soms heel dramatisch en daarin moderner dan Michaels geestelijke madrigalen. Dat geldt bijvoorbeeld voor Ach, was erhebstu dich, dat de ijdelheid van trots, rijkdom en geld onderstreept – een boodschap voor alle tijden. Dat wordt er door Hammerschmidt flink ingehamerd, o.a. door de frase “Eytelkeit, ach Eytelkeit” te beklemtonen en te herhalen. Dat kwam in de uitvoering heel welsprekend naar voren. Ist nicht Ephraim mein teurer Sohn is niet minder indrukwekkend in z’n tekstexpressie dan het madrigaal op dezelfde tekst van Schein. De uitvoering was zonder meer briljant. Het ensemble bestaat uit vijf excellente stemmen die zich perfect mengen. Kleuring, dynamiek, behandeling van de tekst – het was allemaal van grote klasse en deze middelen werden effectief ingezet om te laten zien dat we het hier met muziek van grote schoonheid en expressieve kracht van doen hebben.

Aan het begin noemde ik al de naam van William Byrd. Vanwege zijn grote kwaliteiten kon hij redelijk functioneren in een maatschappij die door het protestantisme werd beheerst. Dat wil niet zeggen dat hij vrij spel had. Een groot deel van zijn religieuze werken kon hooguit in schuilkerken en in kleine kring van katholieken worden uitgevoerd. Dat heeft gevolgen voor de uitvoeringspraktijk, die tegenwoordig nauwelijks in rekening worden gebracht. In feite horen zijn missen niet in een grote kerk te worden uitgevoerd. Dat was wellicht ook het motief om het Sanctus uit de Mis voor 5 stemmen en een aantal motetten uit te voeren met een ensemble van solostemmen in de Geertekerk. Die ruimte was voor dit doel heel geschikt. Maar of de interpretatie van het Italiaanse ensemble Compagnia del Madrigale recht deed aan Byrds muziek is twijfelachtig. Ik ken het ensemble als wellicht het beste madrigaalensemble van deze tijd, maar motetten van een Engelse componist stellen andere eisen dan Italiaanse madrigalen. Het probleem was een gebrek aan samenklank: je hoorde vooral individuele stemmen, die zich zelden tot een hechte eenheid smeedden. Problematisch was vooral Rossana Bertini, de eerste sopraan van het ensemble, die vaak te luid zong en vooral een nogal onaangenaam scherp geluid voortbracht. In Ye sacred Muses, Byrds consort song naar aanleiding van de dood van zijn leermeester Tallis, was ze veel beter, ook al mengde haar stem niet optimaal met het gambaconsort. Het instrumentale aandeel in dit concert kwam voor rekening van Capriccio Stravagante onder leiding van Skip Sempé. Dat was het meer bevredigende onderdeel van het concert. Naast de consortmuziek, gespeeld door blokfluiten of gamba’s, klonken nog enkele klavierwerken, hier als keyboard consorts gespeeld door Sempé, Olivier Fortin en Emmanuel Frankenberg op virginaal, klavecimbel en orgel. Het concert eindigde met The Cries of London van Richard Dering. Hij was één van de componisten die dit genre beoefende: een mengeling van kreten van marktkooplui en muziek voor gambaconsort. De zangers deden hun best en wat betreft hun aandeel was dit het beste onderdeel van het concert. Dat het allemaal net iets minder natuurlijk klonk dan met een groep Engelse zangers kun je deze Italianen niet kwalijk nemen. En, laten we eerlijk zijn, dit is wel leuk om een keertje te horen, maar één zo’n stuk is wel genoeg en enige inhoudelijke substantie heeft het niet.

Wat dat betreft was de muziek die de tenor Charles Daniels, Fred Jacobs (theorbe) en de twee gambisten van Les Voix Humaines – Susie Napper en Margeret Little – ten gehore brachten, van een aanzienlijk hoger niveau. Het concert had als titel ‘Muziek tussen troon en schopstoel’ en bood composities uit de tijd van politieke omwentelingen onder Cromwell en de daarop volgende Restauratie. Onder Cromwell bloeide vooral de muziek in huiselijke kring, aangezien publieke uitvoeringen verboden waren. In het programma stonden de broers William en Henry Lawes centraal alsmede John Jenkins. De eerste en de laatste zijn vooral vanwege hun instrumentale muziek bekend, terwijl Henry Lawes een produktief componist van liederen was, die tegenwoordig nauwelijks worden uitgevoerd. Daarom was het van groot belang dat Daniels en zijn collega’s een aantal daarvan hadden geprogrammeerd. Het waren heel mooie liederen, maar de teksten zijn – voor wie niet meer dan gemiddeld thuis is in de Engelse taal – soms nogal ondoorzichtig. In zulke gevallen zou het tekstboek toch wel vertalingen moeten aanbieden. Het programma was een uitgekiende afwisseling van liederen en instrumentale stukken. Onder de laatste waren ook enkele van Franse herkomst. In 1660 werd de monarchie hersteld en kwam Charles II op de troon. Die had de tijd van zijn ballingschap in Frankrijk doorgebracht waar hij onder de indruk was geraakt van de Franse muziek. Die prefereerde hij boven de traditionele Engelse fancies. Ook in het programma divisions van de gambavirtuoos Christopher Simpson, en ook Henry Purcell was uiteraard vertegenwoordigd. Het was een boeiend programma, op hoog niveau en soms ook humoristisch gebracht door de vier musici. Doordat het concert in de Geertekerk enigszins was uitgelopen begon dit concert later en was dus ook nogal laat afgelopen. Maar wat maakt dat uit? De kans om Charles Daniels te horen laat je als muziekliefhebber natuurlijk niet lopen.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Categorieën

%d bloggers liken dit: