Gepost door: Johan van Veen | 1 september 2015

Festival Oude Muziek Utrecht 2015 – maandag 31 augustus

De muziek van de Engelse virginalisten – zoals Byrd, Bull en Gibbons – wordt regelmatig gespeeld. Muziek van latere componisten is veel minder vaak te horen en mondjesmaat op CD verkrijgbaar. Dat geldt zelfs voor Purcell, die later nog aan bod komt in een recital van Richard Egarr. Ook Händel liet een omvangrijk oeuvre van klaviermuziek na, maar daarvan zijn eigenlijk alleen de acht suites die in 1720 in druk verschenen bekend geworden. Uit Händels klavieroevre had Pierre Hantaï een mooie keuze gemaakt, waarbij hij overigens soms losse delen uit verschillende suites combineerde (TivoliVredenburg, Hertz). Het programma droeg de veelzeggende titel “Out of his own shadow: klaviersuites van Händel”. Dat is een variant op de titel van een aantal concerten, “Out of Handel’s shadow”. De titel zou kunnen verklaren waarom Händels klavierwerken weinig aandacht krijgen: ze worden door zijn andere werken, vooral de oratoria en opera’s, overschaduwd. Misschien speelt ook een rol dat het vaak veeleisende werken zijn wat een weerspiegeling is van Händels eigen kwaliteiten als virtuoos bespeler van toetsinstrumenten, zoals tijdgenoten hebben genoteerd. Hantaï kwam wat moeizaam op gang: de allemande die de Suite in e opent, klonk wat hoekig en ook technisch was niet alles perfect. Dat werd beter gedurende het concert, maar ik had het idee dat hij pas op de helft echt op dreef kwam. In het laatste deel van de genoemde suite kwamen de theatrale aspecten goed uit de verf. De Suite in A (HWV 426) is naar mijn idee één van de mooiste, en vooral het briljante laatste deel geeft een goed idee van Händels eigen vaardigheden. Hantaï speelde dat bijzonder mooi, evenals de ouverture uit Il Pastor Fido, misschien door Händel zelf getranscribeerd, die Hantaï als opening van de Suite in d gebruikte. Het recital eindigde met de Suite in F (HWV 427) die de vorm heeft van een sonate, met als derde deel een recitatief en als slotdeel een fuga, die door Hantaï met verve werden vertolkt.

Klaviermuziek van een heel andere orde werd in het volgende concert in de Geertekerk gepresenteerd. Het ensemble Tasto Solo specialiseert zich in de klaviermuziek van de 14e en 15e eeuw en maakt daarbij gebruik van instrumenten als clavecytherium, clavichordium en gotisch orgel. Die zijn voor een deel speciaal voor dit repertoire gereconstrueerd. Het programma omvatte muziek uit een latere tijd: de eerste helft van de 16e eeuw. Maar in zijn programmatoelichting wijst de leider van het ensemble, Guillermo Pérez, erop dat aan het hof van Hendrik VIII ook ‘oude’ muziek werd gezongen en gespeeld, hoofdzakelijk uit de 15 eeuw maar zelfs nog ouder, tot muziek uit de vroege 14e eeuw. De instrumenten die hij en zijn collega David Catalunya bespeelden, waren toentertijd niet meer gangbaar, maar misschien nog niet verdwenen. “[Met] studie en experiment rond de muziek en musici van de Engelse renaissance onderzoeken we in hoeverre de cultuur van de late middeleeuwen hierin zijn sporen heeft nagelaten”. Mij lijkt dit een uitstekend voorbeeld van ‘historisch geïnformeerde creativiteit’. Het resultaat was een uiterst boeiend programma met vele stukken die weinig of niet bekend zijn, zoals enkele composities van Robert Cooper en een aantal anoniem overgeleverde werken. Daarnaast klonken stukken van Hendrik VIII, Thomas Preston, Dunstaple, Bedyngham en Dufay. Het concert eindigde met Hornepype van Hugh Aston, een vrij bekend stuk dat nogal eens figureert in concerten met muziek van de virginalisten. Hier kreeg het een andere dimensie door de uitvoering met organetto en hamerclavisimbalum. Dat zijn twee intrigerende instrumenten: het laatstgenoemde lijkt op een klavecimbel maar stelt de speler in staat dynamisch te differentiëren. Bij de organetto zorgen de door de speler bediende balgen voor de lucht, wat een klank teweegbrengt die soms doet denken aan een middeleeuwse dwarsfluit. Dat leidt tot een heel mooie ademende en daarmee uitgesproken ‘vocale’ klank. Ik had het ensemble al diverse malen gehoord, het laatst in het festival van 2013. Ik noteerde toen dat het één van de interessantste ensembles in de wereld van de oude muziek is en dat werd in dit bijzonder mooie concert nog eens onderstreept.

Met het concert van het Gabrieli Consort onder leiding van Paul McCreesh schoven we een generatie op. De twee hoofdwerken op het programma waren twee antifonen van indrukwekkende afmetingen: Gaude gloriosa Dei mater van Thomas Tallis en Vox Patris caelestis van William Mundy. Beide zijn ontstaan onder het regime van ‘Bloody Mary’, Mary I, die vijf jaar koningin van Engeland was en probeerde de dominantie van de rooms-katholieke kerk te herstellen. Dat betekende ook dat componisten weer in de gecompliceerde polyfone stijl van voorheen konden schrijven, waarin de verstaanbaarheid van de tekst van ondergeschikt belang was. Zulke complexe bouwwerken zouden in de anglicaanse liturgie geheel misstaan, ook al vanwege de veelvuldige verwijzingen naar Maria. McCreesh wees er in zijn inleidende woorden op dat die verwijzingen wellicht ook op koningin Mary betrokken zouden kunnen worden. Het Gabrieli Consort trad hier op met 16 stemmen, gelijkelijk verdeeld over de vier stemgroepen. Het is een goed ensemble met zonder uitzondering mooie stemmen. Nu en dan noteerde ik wel een licht vibrato, vooral in passages die met een gereduceerd aantal stemmen werden gezongen. Ik weet ook niet zeker of deze werken vrijwel constant forte gezongen moeten worden. In dit opzicht vond ik de uitvoering van Sheppards Media vita door Stile Antico vorige week zaterdag overtuigender; daar was de dynamiek meer gedifferentieerd. Op het programma stonden ook twee stukken uit de late 20e eeuw, van Kenneth Leighton en Matthew Martin, geïnspireerd door de muziek van de renaissance, maar toch in een duidelijk modern idioom. De kwaliteiten van het ensemble kwamen daarin ongetwijfeld goed tot hun recht, maar deze muziek spreekt me in het geheel niet aan. Ik ben altijd van mening geweest dat hedendaagse muziek op een festival voor oude muziek niet thuishoort.

In een festival dat aan Engeland is gewijd neemt Purcell uiteraard een belangrijke plaats in. Hij geldt als de belangrijkste componist van de late 17e eeuw en kan zelfs als één van de beste componisten in de geschiedenis worden beschouwd. Zijn muziek is altijd prachtig, ook als de teksten van middelmatige kwaliteit zijn, zoals in sommige gelegenheidswerken. Purcell was een man van het theater: zijn muziek is altijd dramatisch en vol van contrasten. Slechts één opera kwam uit zijn pen, Dido and Aeneas, die zaterdagavond wordt uitgevoerd. Vox Luminis en La Fenice ontfermden zich over King Arthur, meestal aangeduid als semi-opera, een mengsel van gesproken tekst, aria’s, ensembles en instrumentale delen. De gesproken tekst wordt in hedendaagse uitvoeringen meestal weggelaten, zo ook hier, met uitzondering van enkele verbindende teksten. Het verhaal – voorzover daarvan sprake is – is niet gemakkelijk te volgen. In de grote zaal van TivoliVredenburg kregen we boventiteling in het Nederlands. Dat is wel zinvol, maar ook wat vervreemdend. De Engelse teksten zijn waarschijnlijk lastig te vertalen en het zou beter zijn geweest wanneer men die in elk geval op papier had gekregen. Wanneer men de tekst van begin tot eind doorleest, wordt waarschijnlijk ook duidelijker waar het allemaal om gaat. De leden van Vox Luminis, die we vooral kennen in religieus repertoire, zoals zaterdag in de Funeral Sentences, lieten zich nu van een andere kant zien. Hoewel het een concertante uitvoering betrof, waren er wel scènische elementen. Daarin voelden sommige zangers zich meer thuis dan andere. Aan de meeste zijn waarschijnlijk geen operazangers verloren gegaan. De vocale verrichtingen waren zonder meer uitstekend en de dramatische elementen kwamen daarin beter tot hun recht dan in de pogingen tot acteren. Jean Tubéry leidde de zangers en zijn eigen instrumentaal ensemble La Fenice met verve en veel gevoel voor Purcells stijl door de partituur. Het was een bijzonder onderhoudende avond, zelfs voor iemand zoals ik, die dit allemaal wat te frivool vindt.

Het daarna volgende concert in Hertz was wat dat betreft meer naar m’n zin: religieuze muziek van Thomas Tomkins. Het concert werd helaas niet erg goed bezocht, wat misschien toe te schrijven is aan de onbekendheid van het Pluto-Ensemble dat nog maar kort bestaat. Het Hathor Consort, bestaande uit vijf gambisten, is al wat ouder maar wellicht ook niet heel erg bekend in vergelijking met aan de weg timmerende gambaconsorts als Fretwork of Phantasm. De wegblijvers hebben een prachtig concert gemist. Het grootste deel bestond uit anthems die de sporen van het madrigaal dragen in de relatie tussen tekst en muziek. In dit concert werden sommige vocale werken met een gambaconsort uitgevoerd. Dat is niet specifiek door Tomkins aangegeven: de begeleiding is voor orgel. Maar het is bekend dat ook gamba’s werden gebruikt als ‘begeleiding’, of, beter gezegd, ondersteuning, want de gamba’s spelen colla voce en geven zo kleur aan de stemmen. Daarnaast klonken enkele stukken a capella; daaronder waren ook verschillende voor drie stemmen. Die zijn mogelijk bedoeld voor huiselijk gebruik; zulke stukken vindt men ook in het oeuvre van de gebroeders Lawes. Het Pluto-Ensemble heeft een variabele samenstelling; voor dit concert had de leider Marnix De Cat mooie stemmen samengebracht die uitstekend met elkaar en met de gamba’s harmonieerden, daaronder ook de ‘veteraan’ Harry van der Kamp. Het Hathor-Consort mag dan minder bekend zijn dan vergelijkbare Engelse ensembles, de vergelijking daarmee kan het zonder meer doorstaan. Kortom, dit was een erg mooi concert dat meer belangstelling verdiend had. De Concertzender heeft het opgenomen, dus te zijner tijd kunnen de afwezigen de schade inhalen. Overigens had ik dit concert liever in een kerk, bijvoorbeeld de Geertekerk, gehoord.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

Categorieën

%d bloggers liken dit: